NederlandsEnglish
 
 
 
 
 
  webquest | DNA

inleiding | DNA


© Miriam Chua/AP
In 1953 beweren twee jonge onderzoekers aan de universiteit van Cambridge, James Watson en Francis Crick, het raadsel van het DNA-molecuul te hebben ontrafeld. Niet alleen laten zij zien dat DNA in staat is om op een relatief simpele wijze immense hoeveelheden genetische informatie op te slaan, maar ook dat het een typische dubbele helix heeft die het mogelijk maakt om schijnbaar eindeloos kopieën van zichzelf te kunnen maken. Een kleine honderd jaar eerder had de Zwitserse chemicus Friedrich Meischer al ontdekt dat levende cellen een complexe, fosforrijke verbinding bevatten die later de naam desoxyribonucleïnezuur (kortweg: DNA) meekreeg. Wat de stof deed was toen echter nog niet bekend. Daar kwam verandering in toen de onderzoeker Oswald Avery en zijn medewerkers in 1944 een experiment uitvoerden waarbij ze DNA van de ene bacterie in de andere overbrachten. Zij ontdekten dat de ontvangende bacterie daarmee ook de erfelijke eigenschappen van de donorbacterie overnam: een belangrijke aanwijzing dat DNA op de één of andere manier betrokken was bij het opslaan en doorgeven van erfelijke eigenschappen. Pas met de ontdekking van Watson en Crick werd duidelijk hoe het DNA deze erfelijke eigenschappen opslaat én ook weer door kan geven aan volgende generaties. Zij toonden aan dat DNA bestaat uit twee lange strengen die als een soort wenteltrap in elkaar draaien: de dubbele helix. Watson en Crick kregen in 1962 een Nobelprijs voor hun ontdekking. Waarschijnlijk had toen nog niemand kunnen vermoeden welke gevolgen deze ontdekking voor de moderne wetenschap zou hebben. Mede dankzij het werk van Watson en Crick zijn we nu onder andere meer te weten gekomen over ons eigen genetisch verleden, kunnen we misschien ooit nog eens uitgestorven dieren en planten weer tot leven wekken, bestaande organismen van ‘nieuwe’ eigenschappen voorzien die van nut kunnen zijn voor ons of voor henzelf en geheel nieuwe geneeswijzen ontwikkelen voor ziekten waar we nu nog machteloos tegenover staan. Extra bijzonder is dat de ontdekkers allebei nog leven. Sterker nog: 50 jaar na dato zijn de beide heren nog steeds actief in de wetenschap!